Foto:

Verdrietig

Aan de balie staat een asgrauwe en benauwde man van midden zestig. Zijn echtgenote doet het woord. Op de bank, zomaar uit het niets, benauwd geworden, daar moet een dokter bij. Nee, ze hebben niet gebeld, maar zijn meteen gekomen. De assistente verzwijgt dat vooraf bellen beter is en brengt hen naar de acute kamer. Het is druk op de HAP, maar er wordt direct een arts geroepen.

We waren nauw verbonden

Op het moment dat die binnenstapt, gaat het mis en is er een hartstilstand. Pijlsnel trekt men de man van de onderzoeksbank op de grond. Van alle kanten komt hulp; AED wordt ingezet, reanimatie gestart, het interventieteam van het ziekenhuis komt en de ruimte vult zich met collega- hulpverleners. De ontredderde echtgenote wordt meegenomen naar een aparte ruimte en krijgt koffie en gezelschap. Ondertussen wordt alles gedaan om het hart van deze patiënt kloppend te krijgen. Verschrikkelijk jammer dat dit niet gebeurt; men moet het opgeven en is aangeslagen. De patiënt is overleden. Op de huisartsenpost. Dit maakten wij niet eerder mee. We tillen de man op de onderzoeksbank en ruimen op. Dan komt het bericht dat de begrafenisondernemer pas over tweeënhalf uur tijd heeft, hij blijkt een drukbezet man. Op de gang zijn de gearriveerde kinderen hoorbaar overstuur. Ze hadden net nog bij hun ouders gegeten en kunnen niet geloven dat hun vader niet meer leeft. Zij willen hem zo snel mogelijk zien. We slepen schemerlampen uit de koffiekamer en proberen hun vader toonbaar te maken. De kamer verandert van acuut in rouw en dan is het zover: de familie kan komen.

Een verdrietig schouwspel en we ondersteunen tot de drukbezette begrafenisman er is. Dan nemen we afscheid. Dat valt nog niet mee, want in die paar uur waren wij nauw met elkaar verbonden. Ik kijk ze na tot ze zijn opgegaan in hun veranderde leven.

Meer berichten