Foto:

Oorlogsherinneringen

Op 14 mei 1940 werd mijn overgrootoma veertien jaar en kroop ze 's middags onder de tafel. Ingeklemd tussen haar moeder, broers en zussen wachtte het jarige kind tot het over was. De grond trilde, het geluid was afgrijselijk, maar de vliegtuigen vlogen de schamele schuilplaats voorbij en dropten hun bommen boven Rotterdam. Later, toen de oorlog in volle gang was, stapte mijn oma samen met haar vriendin dapper op de fiets. Een reis zonder specifieke bestemming, als er maar te eten was. Haar dagenlange tocht eindigde bij een boer in Drenthe, waar ze liefdevol werd opgevangen en gevoed.

Vol verbazing luisterde ik als klein meisje naar de oorlogsherinneringen van mijn overgrootouders en kleurde ze verder in met mijn eigen fantasie. Ze benadrukten altijd dat heel veel mensen het duizend keer slechter hadden getroffen, waardoor de oorlog voor mij nog veel groter werd en ik het gevoel kreeg dat alle opa's en oma's in een naar sprookjesboek waren opgegroeid. Maar hoe akelig ik die verhalen ook vond, ze fascineerden me wel. En toen ik ouder werd, wist ik dat ik iets met die verhalen wilden doen. Stadsgenoot Sander Nagel bleek met hetzelfde plan rond te lopen. Inmiddels werken we aan een documentaire over Vlaardingers en hun oorlogsherinneringen. Ik verwachtte verschrikkelijke verhalen, maar in onze gesprekken voert vooral het rebelse karakter van de jongeren die zij toen waren de boventoon. Stiekem kijken hoe de stuka's werden kaalgeschoren, bedelen bij de Duitsers - en dan nog wat krijgen ook, genieten van het vuurwerk dat eenmaal thuis het begin van de oorlog bleek te zijn. We worden deelgenoot van het gewone leven in oorlogstijd, dat voor ons - gelukkig - nog steeds zo bijzonder is.

Volg ons project op Facebook: Vlaardingen in de Oorlog 1940-1945.

Britt Planken
Meer berichten