Mini-documentaire volgt Amerikaanse jeep door bezette regio

Op 5 mei 1945 slaagden luitenant Peter G. Scotese uit New York, zijn chauffeur Tommie Mills en hun Nederlandse tolk Adrie van Velzen uit Rotterdam, erin om met hun jeep door Duits bezet gebied te rijden met de missie om Rotterdam te bereiken. Zo belandden zij na een spannend avontuur ook de bevrijdingsparade in Vlaardingen.

Vlaardingen - Het is te zien in de mini documentaire ‘De Onbedoeld Amerikaanse Bevrijder’ van militair historicus en Schiedammer, Joey van Meesen. Hij volgt de route van de Amerikaanse jeep door verschillende foto’s van de mannen met de Amerikaanse jeep te laten zien op de locatie waar die foto’s genomen zijn. Door het maken van een vergelijkingsfoto tussen toen en nu, hoopt hij een brug te slaan tussen het verleden en het heden.

De mannen maakten deel uit van het 513th Parachute Infantry Regiment van de 17e Airborne Division. Een paar dagen daarvoor had Van Velzen aan Scotese laten weten dat hij zich zorgen maakte over zijn ouders die hij niet had gezien sinds hij in november 1944 was opgepakt in de Razzia van Rotterdam. 

Van Velzen wist later te ontsnappen en liep zie in de armen van de Amerikanen, voor wie hij ging werken als tolk. Scotese wist verlof te regelen en samen met Tommie Mills namen de drie een Amerikaanse jeep uit een ziekenhuis, waar Scotese eerder had verbleven. De mannen waren al snel op weg naar Rotterdam, waar ze op 5 mei, 1945 de eerste bevrijders in het gebied waren, nog voor de komst van de Canadezen. 

Overval op gevangenis

Twee dagen later, op 7 mei, zou de groep een Nederlandse verzetsgroep helpen bij binnenvallen van de Duitse politiegevangenis, het Oranjehotel, nabij Scheveningen. De volgende dag, VE-Day (Victory in Europe), 8 mei 1945, zouden ze allemaal deelnemen aan de bevrijdingsparade in Vlaardingen. 

Op 5 mei 1945 gaf het Duitse leger in Nederland zich officieel over. Pas enkele dagen later zou het Canadese leger echter de grotere steden en omliggende plaatsen van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht officieel ‘bevrijden’. Dit betekende dat op 5 mei een groot deel van het land nog onder Duitse ‘bezetting’ viel. 

Dit weerhield Peter Scotese, Adrie van Velzen en Tommie Mills niet om, na vijf dagen rondrijden, in de middag van 5 mei 1945 Rotterdam te bereiken. Canadese troepen kregen officieel de opdracht om westelijk Nederland te bevrijden en te bezetten. Het zou echter tot 8 mei duren voordat de eerste Canadezen Rotterdam Bereikten. Peter Scotese, Tommie Mills en Adrie van Velzen waren daarmee eerste bevrijders die op 5 mei Rotterdam bereikten.

Vlaardingen

Hun avontuur hield hier niet op. Twee dagen later, 7 mei, zou de groep een Nederlandse verzetsgroep helpen bij het plunderen van een gevangenis in de buurt van de Nederlandse kustplaats Scheveningen, enkele kilometers van Den Haag. Deze gevangenis was voor veel verzetsmensen de laatste halte. Na een proces zouden de meeste van hen worden geëxecuteerd op de Waalsdorpervlakte. 

Bijna met gevaar voor eigen leven bluften de groep van Peter Scotese en de verzetsgroep zich een weg naar binnen om de leider van die Westlandse verzetsgroep Oom Piet te bevrijden. Ze kwamen er allemaal levend uit en namen de volgende dag deel aan de bevrijdingsparade in Vlaardingen.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden